Bloedbad in de Brouwersstraat (32)

by

Hoofdstuk 32

Amber komt weer bij bewust zijn. Haar hoofd bonst. Haar knie doet gigantisch veel pijn. En Kai is er. Hij zit op het gezicht van een politieagent en krabt de oogbollen uit diens oogkassen. Dan graaft hij verder. Arme man. Hij is verloren. Amber ziet de kettingzaag en probeert op te staan. Het gata; Ze pakt de zaag en met alle haat en alle angst die in haar lichaam zit, haalt ze uit. Het zaagblad klieft kai in stukken. En ook het gezicht van de man die hij aan het doden is. Het kleine mannetje schreeuwt. Kort en luid. Daarna overstemt de motor enkel nog Ambers opgewonden hartslag.
Ze laat de zaag vallen. En dan is het stil.
“We hebben hem”, fluistert Amber.
“Ja.”, snikt Kelly.
Ze leven nog. Ze zijn gewond en in shock, maar ze leven nog! Ze hebben Kai gedood. Vermorzeld. Veslagen! Amber en kelly ondersteunen elkaar. Naar buiten. Naarde frisse ochtendlucht. De vrijheid en de sirenes van arriverende politiewagens.
“Handen in de lucht!”, roept een stem door een megafoon. Geweren en revolvers worden op hen gericht.
“Iedereen is dood”, antwoordt Kelly.
“Klopt, commandant”, bevestigt een andere stem van achter haar,”Het huis is een ravage. Vertommen en Verbeek zijn dood.”
“Godverdomme”, vloekt de man die commandant genoemd werd.
En “godverdomme” is wat ook Amber en Kelly denken wanneer ze geboeid in de combi worden geladen.

Advertenties

Tags:

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s


%d bloggers liken dit: